nederlandse vereniging voor traumachirurgie

subvereniging van de nederlandse vereniging voor heelkunde

 

T +31 (0)343 - 51 18 51

Levelcriteria NVT

Toelichting bij document ‘Levelcriteria traumachirurgie’

De onderhavige versie ‘Level-criteria traumatologie’ is een herziening van de criteria zoals beschreven in het ‘Beleidsplan 2004’. Het document beschrijft de minimum voorwaarden gesteld aan traumaopvang. Traumaopvang is een dynamisch chirurgisch vakgebied waar ook veel andere zorgprofessionals een rol spelen.

In het document worden minimum-eisen geformuleerd voor de opvang van hoog-energetische ongevalslachtoffers. Daarbij wordt enerzijds aangesloten op geformaliseerde richtlijnen (b.v. SEH en IC), anderzijds worden minimum-eisen gesteld aan materiële en personele middelen.

De profielindeling van de SEH is door veldpartijen waaronder VWS in 2006 vastgesteld en geldt nog steeds als richtsnoer voor de indeling, verdeling en ontwikkeling van SEH-afdelingen. De levelindeling van ICU’s is in 2013 herzien. In tegenstelling tot de vorige versie van de ‘Levelcriteria Traumatologie’ is er voor gekozen om af te zien van ene zeer uitgebreide beschrijving van de SEH en ICU, maar aan te sluiten bij de bestaande levelindeling SEH en ICU. Alleen voor zover deze bestaande richtlijnen er niet in voorzien, zijn specifieke voorwaarden gesteld aan de materiële middelen ten behoeve van de opvang en behandeling van deze groep traumapatiënten.

Voor de minimale kwantitatieve en kwalitatieve eisen die gesteld worden aan de personele middelen, is uitgegaan van het bestaande wettelijk kader: de medisch specialist is eindverantwoordelijk voor de (organisatie van) de zorg in het ziekenhuis. Via een verlengde arm constructie kunnen verantwoordelijkheden gedelegeerd worden aan ‘bevoegd én bekwame’ artsen niet zijnde medisch specialist. Derhalve is en blijft de traumachirurg eindverantwoordelijk voor de opvang en behandeling van de traumapatiënt. Voor de thoraxchirurg, wat een niet beschermde titel is,  is gekozen voor de beschrijving:  “chirurg met thorax ervaring”. Dit kan een cardio-thoracaal chirurg zijn of een gecertificeerd longchirurg.

In de huidige levelcriteria is er voor gekozen om de minimale eisen te beschrijven waaraan moet worden voldaan bij aanvang van de trauma-opvang en zijn normtijden vastgesteld waarbinnen de verantwoordelijk medisch specialist zélf fysiek aanwezig moet kunnen zijn.

In de gehanteerde systematiek wordt verondersteld dat benodigde kennis, kunde en ervaring - en dus taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden - als volgt toenemen:

 

  1. gemandateerd basis-/poortarts
  2. ANIOS Heelkunde
  3. AIOS-Heelkunde / gecertificeerd SEH-arts
  4. chirurg
  5. NVT chirurg

Voor dit ziekenhuislevel kunnen de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de anesthesioloog bij de aanvang van een trauma-opvang worden waargenomen door een gemandateerd basisarts (i.e. een poortarts waarvan het mandaat binnen het ziekenhuis is vastgelegd), maar de specialist zelf moet desgevraagd binnen 30 minuten fysiek aanwezig kunnen zijn.

De onderhavige indeling beoogt om:

-Level 3 ziekenhuizen geen enkele rol te laten spelen in de primaire opvang en behandeling van traumapatiënten na een hoogenergetisch ongeval.

-Level 2 ziekenhuizen een belangrijke rol te geven voor wat betreft de opvang en (chirurgische) behandeling van stabiele ongevalslachtoffers. Afhankelijk van bijvoorbeeld specifieke geografische omstandigheden kunnen Level 2 ziekenhuizen ook een rol spelen in de opvang en initiele (chirurgische) behandeling van instabiele slachtoffers waarna desgewenst overplaatsing volgt naar een Level 1 ziekenhuis.

-Level 1 ziekenhuizen de hoogste staat van paraatheid te geven. Instabiele patiënten moeten hier altijd terecht kunnen voor opvang en definitieve behandeling.

Binnen de diverse traumaregio’s maken de ziekenhuizen en RAV’s onderling afspraken voor wat betreft de presentatie, opvang en behandeling van stabiele en instabiele slachtoffers. Ongeacht tijdstip en plaats van een specifiek ongeval moet helder zijn hoe de patientenstroom is georganiseerd. Uitgangspunt is niet alleen dat ieder ongevalslachtoffer recht heeft op optimale kwaliteit van zorg, maar ook op een optimale inzet van (beperkte financiële) middelen.

In de traumaregio wordt gecontroleerd op naleving van de minimale eisen waaraan moet worden voldaan.